U&I Learning pakt vergrijzing bedrijven aan
Kennisoverdracht als drijver van de groei
19/08/2008
Steeds meer bedrijven zien oude werknemers wegens pensioengerechtigde leeftijd vertrekken. Met hen vertrekt vaak ook kennis en ervaring uit de onderneming. Het Gentse U&I Learning helpt bedrijven met de overdracht van kennis tussen werknemers. In het tweede kwartaal sleepte de e-learning integrator een groot contract in de wacht met Infrabel, de beheerder van het Belgische spoorwegennet.  (tijd) – ‘Het contract met Infrabel was erg belangrijk voor ons’, zegt gedelegeerd bestuurder Francis Declercq. De overeenkomst loopt over drie jaren en levert U&I Learning 3 miljoen euro op. Ter vergelijking: in 2007 bedroeg de geconsolideerde omzet van de groep ongeveer 9 miljoen euro. ‘Wij focussen steeds meer op grote organisaties die nood hebben aan kennisoverdracht. Zij hebben het meest te maken met vergrijzing, waardoor nuttige kennis het bedrijf plots verlaat.’
Hoe pakken jullie dat dan aan bij die bedrijven? Hoe stappen jullie naar hen toe? Declercq: ‘Vooral via marketing. Daarna praten we met de klant over Information Mapping (IM), één van onze sterke wapens, dankzij de overname van Atek enkele jaren geleden. IM is de methodologie die ervoor zorgt dat een reeks schrijvers een brok informatie op eenzelfde manier gaan analyseren, structureren en opnieuw presenteren in een meer overzichtelijke vorm. Dat wordt dan nagelezen en goedgekeurd. Er zijn altijd meerdere schrijvers en correctors bij een bepaald document. Het gaat bij IM dus niet om software, maar om een denkproces.’
Jullie herwerken dus een bedrijfsdocument en halen er de belangrijkste punten uit voor de lezer. Declercq: ‘Klopt. Dat vergroot de leesbaarheid van documenten en zorgt voor tijdsbesparing. Wat valt op bij IM? Minder woorden, duidelijkere structuur, opsommingen,… terwijl de essentie hetzelfde blijft. De lezer kan de inhoud van de tekst sneller opnemen en beter onthouden. Naast deze diensten leveren we ook een stukje technologie, voor het beheren van die kennis. Een deel van de technologie zit bij onszelf, een stuk hebben we verworven via de overnames in Nederland en Frankrijk en verder werken we samen met technologiebedrijven als Adobe en Outstart.’
Zijn dat geen concurrenten? Declercq: ‘Ze bieden concurrende producten aan. Verder is bijvoorbeeld Adobe op zoek naar partijen zoals wij om hun producten naar de markt te brengen. Daarnaast werken ook kleine bedrijven die op hun website e-learning aanbieden op onze markt. Maar voor grote contracten, waar wij toch vooral naar op zoek zijn, zijn bedrijven als Deloitte, IBM en Cegeka onze voornaamste concurrenten. Enkele jaren geleden konden wij een project als Infrabel niet binnenhalen. Wij hadden wel de methodologie, maar niet de spankracht om het te doen.’
En hoe komt het dat jullie die nu wel hebben? Declercq: ‘Nu kunnen we zowel producten als diensten naar de noden van de klant aanbieden. Er komt steeds meer vraag naar oplossingen voor kennisoverdracht. Wij willen een klant aantrekken, een klein pilootproject bij hem starten en dat dan verder uitbouwen. Wij hebben 120 werknemers in de drie takken (België, Nederland en Frankrijk, red.), dus er zijn recurrente inkomsten en contracten nodig om onze groei te ondersteunen. Het gaat dan vooral om taalkundigen, onderwijskundigen, en technische schrijvers. Verder zijn we altijd op zoek naar burgerlijke ingenieurs die graag schrijven. Onze werknemers zijn hoogopgeleid, anders kun je zulke projecten niet uitvoeren.
Zijn die nog eenvoudig te vinden? Declercq: 'Technische schrijvers zijn moeilijk te vinden. Ingenieurs die graag schrijven vind je niet op elke straathoek. Die mensen zijn niet enkel schaars, maar er is nog eens veel concurrentie om ze aan te trekken. Dat zorgt voor een spanningsveld, omdat onze mensen worden gelokt door grote bedrijven.'
Jullie bestaan iets langer dan 10 jaar. Hoe zullen de volgende 10 jaar er volgens u uitzien? Declercq: ‘10 jaar is misschien wel heel ver in de toekomst. Dit jaar concentreren we ons vooral op organische groei en nieuwe contracten, zoals deze bij Infrabel. Ook de overheid moet de volgende jaren het vertrek van een hele golf babyboomers op moet vangen. Steeds meer mensen veranderen ook van job. Jonge werknemers blijven drie tot vier jaar in een bedrijf en stappen dan naar een ander. Bedrijven staan voor de uitdaging om dat op te vangen en ervoor te zorgen dat de kennis in het bedrijf blijft. Nee, wij zitten in een gunstig marktsegment, en de factoren om onze groei te verzekeren zijn daar. Als we twee tot drie jaar verder kijken, zullen kennisoverdracht en vergrijzing de drijvers van onze groei zijn.’
|